Alexander Sakkers, Transport en Logistiek Nederland – “We moeten als transportland weer trendsetter worden”

 

De transportbedrijven staan op de drempel van een nieuwe periode. Duurzaamheid, maatschappelijk verantwoord ondernemen en intermodaliteit zijn daarbij de sleutelwoorden. Om klaar te zijn voor die toekomst, zullen de transporteurs nu maatregelen moeten nemen. Alexander Sakkers, algemeen voorzitter van TLN (Transport en Logistiek Nederland) en voorzitter van de Europese IRU (International Road Transport Union) over uitdagingen en trends voor de Nederlandse transportsector.

“Natuurlijk moet je meer gebruik maken van spoor en moet je binnenvaart stimuleren, maar samen met wegtransport. Je hebt elkaar enorm hard nodig.”

L.M.: Voor de transportwereld was 2009 een van de slechtste jaren. Hoe staat de sector er momenteel voor?

Alexander Sakkers: “We zien een begin van herstel. Een punt van zorg zijn de lage tarieven. Veel transporteurs rijden tegen kostprijs of soms zelfs iets daaronder, om het bedrijf maar aan de gang te houden. Het is wachten tot de markt weer een prijsverhoging tot acceptabel niveau toelaat. De enige sector waar we ons echt zorgen over maken, is het bouwgelieerde vervoer; met 25% van het totale wegtransport een omvangrijke sector. Daar verwachten we in de tweede helft van 2010 een forse daling van het vrachtaanbod.”

L.M.: De roep om intermodaliteit neemt toe, vooral vanwege beoogde milieueffecten. Vormt dat een bedreiging voor het wegtransport?

“Integendeel. Vanuit TLN stimuleren wij ondernemers om intermodale oplossingen te zoeken. De wegtransportsector is er mee gediend dat ook spoor en binnenvaart zich goed ontwikkelen. En andersom. Ondernemers zien dat ook steeds beter.

De praktijk is wel dat 80 tot 85% van het wegvervoer over een afstand gaat van minder dan 150 kilometer. Daar is spoor en water vaak geen alternatief.

Dat wegtransport zal op een slimmere manier moeten plaatsvinden. Bijvoorbeeld met grote trucks van 60 ton over de hoofdwegen naar grote distributiecentra aan de rand van de stad en van daaruit met kleiner materieel de steden in.”

L.M.: Klimaatneutraal, wordt dat een van de speerpunten in het beleid van TLN?

“Duurzaamheid is business, die oproep komt vanuit alle geledingen van de samenleving. Je zult gaan zien dat ondernemers die goede antwoorden leveren op gebied van duurzaamheid, in de toekomst veel vaker orders gegund worden dan ondernemers die daarbij achterblijven.”

L.M.: Transportbedrijven worden meer en meer geconfronteerd met milieumaatregelen die hun bewegingsvrijheid in steden beperken. Hoe kijkt TLN daar tegen aan?

“We kunnen ons indenken dat milieuzonering nodig is. Maar doe het op een manier waarbij die ondernemer wordt uitgedaagd om zelf duurzaam ondernemerschap in te vullen. Je kunt als gemeente wel overal paaltjes en bordjes neerzetten, maar je kunt ook tegen de ondernemer zeggen: ‘Als jij een optimale duurzaamheidinspanning levert, dan mag je de stad in’.”

L.M.: Dat meedenken met ondernemers gebeurt volgens u nog te weinig?

“Ik vind dat we samen, de overheden en de sector, de komende tijd met elkaar heel veel kunnen doen om de situatie te verbeteren. Dat levert voor alle partijen winst op.”

L.M.: Doet Europa genoeg voor de sector?

“Vind ik niet. Ik zie in Europees verband nog vaak de ouderwetse discussie dat we meer het spoor op moeten of meer met binnenvaart. Terwijl wij alledrie juist het pleidooi voeren voor slimmere combinaties. Natuurlijk moet je meer gebruik maken van spoor en moet je binnenvaart stimuleren, maar samen met wegtransport. Je hebt elkaar enorm hard nodig.”

L.M.: Waar moet de Nederlandse transportsector over vijf jaar staan?

“Nederlanders zijn door de geschiedenis heen altijd de regisseurs en architecten geweest van de logistiek. Sinds 1990 hebben we veel positie moeten prijsgeven, vooral in Europa. De grote uitdaging is om weer die sterke speler te worden. Die word je alleen door ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid professioneel en verantwoord in te vullen. Op die manier kunnen we als Nederland weer voorloper en trendsetter worden.”

“Ruhrgebied en regio Luik zijn prachtig achterland”

In de Limburgse economie is Transport & Logistiek een sector van belang. Volgens Peter Gehlen, managing director van Gehlen – Schols Logistics en voorzitter van het Regiobestuur Limburg van Transport en Logistiek Nederland, heeft dat onder meer te maken met de ligging van de provincie, ingeklemd tussen Duitsland en België. “Met het Ruhrgebied en de regio Luik beschikken we over een prachtig achterland. Voor de havens van Rotterdam en Antwerpen fungeren we als een ‘extended gate’. Venlo is een van de grootste landelijke distributiecentra, Born, Stein en Wanssum zijn sterke regionale centra. Daaromheen bestaat een uitgebreide industrie van transportgerelateerde dienstverlenende bedrijven. Door onze ligging hebben we wel te maken met veel concurrentie uit omringende landen. Om onze positie te behouden en verder te versterken, zullen we als sector goed moeten inspelen op ontwikkelingen in de markt. Duurzaamheid, kwaliteit en betrouwbaarheid zijn daarbij essentieel, evenals totale dienstverlening, waarbij de klant alle zorgen omtrent opslag en transport uit handen worden genomen.”

Rob van der Werf

Gerelateerde berichten:

  1. Multitax Transport International – Flexibele Outsider in de logistiek
  2. René Meyboom, regiomanager Zuid van Bouwend Nederland – “Nu extra opleiden, anders hebben we straks tekort aan vakmensen”
  3. Gebr. Joosten BV – Betrouwbare partner in transport, op- en overslag en warehousing
 
 
 

0 Reacties

U kunt de eerste zijn die reageert.

 
 

Reageren