Home » Debat »

Het grote ICT-debat -

 

Ondanks alle zegeningen van de huidige netwerksamenleving zijn ondernemers nog steeds nieuwsgierig naar elkaar. Zo ook tijdens het ICT-debat dat Limburg Manager organiseerde in het Roermondse TheaterHotel De Oranjerie.

“Het nieuwe werken betekent vooral vrijheid.”

“Onze manier van communiceren

is in korte tijd helemaal veranderd”

L.M.: Is het nieuwe werken volgens jullie een hype? En welke rol speelt ICT?

Jack Braeken (Stepco): “Volgens mij is de publiciteit rond dit fenomeen nogal opgeklopt. Veel bedrijven doen dit eigenlijk toch al vele jaren? Echter met eenvoudigere technieken en de marketing van met name Microsoft is de aandacht hierop enorm.”

Astrid Roebroeck-Pinckaers (Ricoh): “Het nieuwe werken betekent vooral vrijheid. Werknemers kunnen zelf kiezen op welk moment en op welke plaats ze hun taken uitvoeren. Dat kan een ‘boost’ betekenen om vrouwen in het arbeidsproces te betrekken. Combinatie werk-privé is beter te maken. Maar volgens mij kun je hen als manager niet opleggen hoe ze dat inrichten.”

Piet Muijtjens (Innervate): “Met ICT kun je het nieuwe werken alleen vereenvoudigen, maar verder zit het toch vooral ‘tussen de oren’ van medewerkers. Geloven zij er in? Veel managers hebben ook tijd nodig om hun medewerkers het vertrouwen te geven dat ze de verantwoordelijkheid aankunnen.”

Marc Charlier (BCT): “Het is zeer positief dat we de ‘van 9 tot 5-mentaliteit’ langzaam loslaten. Als manager moet je nog meer gaan sturen op kwaliteit. Hoe het gewenste eindresultaat wordt bereikt, is minder belangrijk.”

Edward Goessens (TCC): “Maar laten we niet uit het oog verliezen dat het nieuwe werken vooral toepasbaar is voor kenniswerkers. Uit onderzoek in Californië blijkt dat er ook nadelen zijn als deze hooggeschoolde medewerkers elkaar niet meer ontmoeten. Nieuwe ideeën ontstaan namelijk vaak door informele contacten, bijvoorbeeld aan de koffieautomaat.”

Dick Swieringa (Mediaan): “Het nieuwe werken is prima, maar er moet altijd een mix zijn tussen werken op kantoor en elders. Het delen van kennis door onze medewerkers is cruciaal voor de toekomst van onze organisatie. Nieuwe ideeën ontstaan meestal ook in gezamenlijkheid.”

L.M.: Naast de opkomst van het nieuwe werken zien we onstuitbare opmars van de nieuwe media. Hoe kunnen ondernemers profiteren van Hyves, twitter, LinkedIn, enzovoort? Stimuleren deze media zinvol zakendoen, of zijn ze juist tijdverspilling?

Edward Goessens (TCC): “Twitteren is alleen zinvol als je ook echt iets te melden hebt. Bovendien: dit bewijst toch dat communicatie binnen organisaties en bedrijven belangrijk blijft? Alleen de manier waarop verandert. Ons speelveld wordt groter.”

Marc Servaes (CIS): “We moeten inderdaad niet onderschatten dat onze manier van communiceren is veranderd. Het is gemakkelijker geworden om sociaal actief te zijn, zowel privé als zakelijk.”

Marc Charlier (BCT): “Het is wel belangrijk dat je rekening houdt met culturele verschillen. Blijkbaar is het normaal dat je na 8 uur ‘s avonds een telefoontje krijgt van een Duitse klant met een vraag over een factuur. In Nederland zou zoiets ondenkbaar zijn.”

Jack Braeken (Stepco) pakt zijn Blackberry tevoorschijn…: “Hoeveel mensen zijn tegenwoordig niet verslaafd geraakt aan dit apparaat? Maar moet je wel altijd en overal op reageren als er weer een berichtje binnenkomt? Ik denk dat ieders grenzen getest gaan worden en het is van belang hier ook zelf een grens aan te stellen.”

Piet Muijtjens (Innervate): “Nieuwe gadgets zijn erg handig. Onze stagiaires lopen tegenwoordig allemaal bij ons binnen met een eigen laptop, iPad en/of smartphone om hun schouder. En ik heb als voorbereiding op dit debat van alle deelnemers uitgebreid de LinkedIn-profielen bekeken. Dan weet je in een oogopslag met wie je aan tafel zit.”

Dick Swieringa (Mediaan): “Volgens mij kunnen ondernemers hun presentatie via de nieuwe media professioneler aanpakken. Neem bijvoorbeeld het LinkedIn-profiel. Vaak ontbreken gewoon de basisgegevens, zoals het e-mailadres en telefoonnummers.”

Marc Servaes (CIS): “Toch moet je niet je ogen sluiten voor de gevaren. Iedereen kan zo maar iets negatiefs rondstrooien over je bedrijf. Neem de geruchten rond Carglass. Iemand twitterde dat ze inferieure materialen gebruiken bij herstelwerkzaamheden. Daar klopte niets van, maar het kwaad was al geschied.”

Jack Braeken (Stepco): “Deze zijn meer en meer gewend dat veel digitale diensten gratis zijn. Zodra zij beslissers worden, zal het aankoopproces van soft- en hardware voorgoed veranderen. En bedrijven die dit als hun business bestempelen, zullen echt een andere koers moeten kiezen.”

L.M.: In dit kader wordt vaak gesproken over ‘cloud computing’ (de ontwikkeling waarbij servers, netwerken, applicaties en andere diensten beschikbaar worden gesteld via internet). Wat zijn de voor- en nadelen voor ondernemers? En hoe veilig is de neerslag uit deze voorbij drijvende wolk?

Jack Braeken (Stepco): “Steeds meer toepassingen zijn beschikbaar via cloud computing. Veiligheid is inderdaad een issue. Echter voor toepassingen waar veiligheid minder belangrijk is, is er geen weg meer terug.”

Dick Swieringa (Mediaan): “We gaan naar een samenleving waarin we overal en altijd direct, dus snel, toegang tot systemen en informatie willen hebben. Met cloud computing kan dat ook. De opmars is onvermijdelijk.”

Marc Charlier (BCT): “Ik denk dat de cloud een goede oplossing is voor MKB’ers omdat op die manier hun data in wezen veel veiliger zijn opgeborgen dan bij een netwerk in huis. Het lijkt wel alsof je minder grip op je data hebt, maar de beveiliging is in de cloud gewoon beter geregeld, je hebt er geen omkijken meer naar.”

Piet Muijtjens (Innervate): “De wetgeving loopt per definitie achter in vergelijking. Zo’n cloud moet je in dit kader soms optuigen op landelijk niveau anders loop je grotere onbekende risico’s. Bovendien vraag ik me af of de keuzes wel altijd weloverwogen worden gemaakt. Je moet je altijd afvragen: wat is mijn vangnet?”

Marc Servaes (CIS): “De cloud biedt toegankelijke oplossingen. Je kunt er snel over beschikken, maar zijn de drempels niet te laag? Als het fout gaat, kan je bedrijf veel schade oplopen.”

Astrid Roebroeck-Pinckaers (Ricoh): “Ik denk dat de cloud voor veel bedrijven een geschikte optie is, maar niet voor ieder. Er bestaat nog onzekerheid over waar belangrijke bedrijfsgegevens blijven.”

Edward Goessens (TCC): “Dit is inderdaad minder geschikt voor instellingen die volledig autonoom moeten functioneren zoals bijvoorbeeld een ziekenhuis. Hiervoor zijn de diensten niet flexibel en betrouwbaar genoeg.”

Dick Swieringa (Mediaan): “De continuïteit van je onderneming staat boven alles. Wat gebeurt er bijvoorbeeld als je kantoorpand afbrandt? Door data elders onder te brengen verklein je het continuïteitsrisico”.

Jack Braeken (Stepco): “Afhankelijk van de risico’s die de werkzaamheden met zich meebrengen, moet je telkens afwegen of de cloud de voordeligste keuze is.”

L.M.: Nu de economie weer aantrekt, barst de slag om de ICT’er weer los. Hoe werf je goede werknemers? En hoe bind je ze aan je bedrijf?

Jack Braeken (Stepco): “Het is van belang dat de identiteit van je organisatie bekend is bij potentiële medewerkers. Deze marketing wordt zeker zo belangrijk als marketing naar de markt.”

Marc Charlier (BCT): “Ook hier moet je de nieuwe media niet onderschatten. We zochten onlangs een nieuwe medewerker en na een bericht op LinkedIn hadden we snel 20 interessante CV’s in ons bezit.”

Astrid Roebroeck (Ricoh): “Voor ons is vooral de kwaliteit een probleem. Ik zoek ervaren krachten, maar die hebben natuurlijk al een interessante job. Het is de vraag hoe je die kunt losweken.”

Jack Braeken (Stepco): “Inderdaad. We blijven selecteren op kwaliteit, ook al is de arbeidsmarkt overspannen.”

Dick Swieringa (Mediaan): “De output van het hoger onderwijs is te laag. Als bedrijf willen we in een vroeg stadium contact leggen met die toppers. We hebben een zeer strenge selectie als we derdejaars studenten aannemen voor een stage. We voeren zelfs psychologische testen uit. Ze krijgen uitdagende opdrachten en als dat goed gaat, hebben ze uitzicht op een vaste baan.”

Edward Goessens (TCC): “Er is in Limburg een overspannen arbeidsmarkt in onze branche. Het aanbod van young potentials is laag, jaarlijks komen er 60 afstudeerders van de regionale opleidingen. We proberen daarom een attractieve werkgever te zijn. Bonussen en een auto van de zaak zijn daarbij niet de belangrijkste instrumenten.”

Piet Muijtjens (Innervate): “Je moet je mensen uitdagende klussen kunnen bieden, ze voortdurend kunnen prikkelen. En het is belangrijk om te weten wat je mensen beweegt. Wat houdt hen bezig? Hoe gaat het privé? Oprechte interesse tonen dus.”

Dick Swieringa (Mediaan): “Je moet ze prikkelen. Gelukkig hebben we een dynamisch vak. De aard van onze werkzaamheden verandert sneller dan de werkzaamheden van een arts. Uiteindelijk gaat het om boeien en binden.”

Edward Goessens (TCC): “We proberen jonge collega’s een goed beeld te schetsen van de mogelijkheden. Bovendien is het steeds belangrijker dat je als werkgever interesse toont in de persoonlijkheid van je collega’s. Een ontevreden medewerker die vertrekt, is slecht voor je organisatie.”

Marc Servaes (CIS): “De tevredenheid van de medewerkers is voor ons net zo belangrijk als de klanttevredenheid. Werknemers zijn de slagader van ons bedrijf.”

Edward Goessens (TCC): “Ik ben er een voorstander van dat het bedrijfsleven zich meer bemoeit met de inhoud van de opleidingen. Wij weten immers waar de markt behoefte aan heeft. Helaas houden de scholen hier de boot af. Zouden wij op dat terrein niet met een aantal collega’s kunnen samenwerken? Van een kweekvijver vol jonge talenten kunnen we toch allemaal profiteren?”

Marc Charlier (BCT): “Het is echter maar de vraag of je wel voor alles eigen specialisten in huis moet hebben. Volgens mij is het voordeliger om voor specialistische klussen, iemand in te huren. Voor hen is dat dagelijks werk, waardoor ze dat veel sneller en efficiënter kunnen uitvoeren.”

Edward Goessens (TCC): “Ik zie inderdaad de opkomst van wat ik graag de ‘Onderneming 2.0’ wil noemen: een netwerk van partners waarmee je samen een project afrondt.”

L.M.: Welke ICT-investeringen leveren vandaag de meeste kosten- en efficiëntiebesparingen op voor het MKB? Wat zijn de belangrijkste thema’s die directies in hun ICT-beleidsplan zouden moeten verwerken?

Astrid Roebroeck-Pinckaers (Ricoh): “Door archieven te digitaliseren en breed document management oplossingen in te zetten, kunnen bedrijven veel efficiënter werken. Veel ondernemers durven echter die stap nog niet te wagen. Een gemiste kans.”

Edward Goessens (TCC): “Bedrijven kunnen hun personeelskosten nog flexibeler maken. Als de vraag plotseling toeneemt, kunnen ze tijdelijke medewerkers inschakelen.”

Dick Swieringa (Mediaan): “Onderzoek hoe efficiënt je systeem nog is, vooral als het al een oud systeem is. Dan kan vervanging uiteindelijk, door kostenefficiëntie en meer flexibiliteit, interessant zijn.”

Marc Charlier (BCT): “Door bijvoorbeeld facturen te digitaliseren, is een geweldige return on investment te behalen. Dat is ook een van de redenen dat we ondanks de crisis in de afgelopen periode toch een aanzienlijke omzetgroei hebben behaald.”

Paul Verstappen

(Foto’s: Rein Bollen)

Gerelateerde berichten:

  1. Het grote financiële debat – “Wij moeten eens afleren te juichen met de handen in onze zakken”
  2. TCC – The Computer Company – “Een tevreden klant is onze drive”
  3. Het grote regiodebat – “Weet de reus wel hoe sterk hij is?”
 
 
 

0 Reacties

U kunt de eerste zijn die reageert.

 
 

Reageren