Océ – Duurzaam denken zit in het DNA
2012: fabrieken wereldwijd volledig op groene stroom laten draaien. 2015: een duurzamer printmedium dan gerecycled papier introduceren. Wie de groene doelstellingen van printerfabrikant Océ bestudeert, kan er niet omheen: ondanks de turbulente tijd blijven de ambities torenhoog.
“Het kan altijd beter.” Die boodschap klinkt, bewust of onbewust, door in alles wat Océ-Corporate sustainability officer Hay van Knippenberg en communicatiemanager Sandra David zeggen. Technologie en duurzaamheid hand in hand, luidt de onderliggende boodschap. In een industrie die met vervuilende uitdagingen worstelt, heeft de multinational de afgelopen decennia bewezen dat investeren in die filosofie loont.
Wie het hoofdkantoor in Venlo bezoekt, valt op het eerste duurzame oog echter hooguit de lange rij carpoolparkeervakken op. Maar een kijkje in de showroom maakt in één klap duidelijk hoe hoog Océ de lat voor de concurrentie voortdurend legt. Glanzende afbeeldingen rollen uit een grote printer dankzij CrystalPoint-technologie, waarbij gekleurde tonerballetjes na verhitting als gel op papier worden gespoten. Doordat de afdruk als het ware óp het papier ‘ligt’ (in plaats van erin wordt geprint), zijn toner en papier na gebruik optimaal te scheiden voor recyclage. Er kan bovendien op ongecoat en gerecycleerd papier worden gedrukt, een belangrijke duurzame stap vooruit omdat het ‘glossy’ effect op dergelijk papier met oudere technologieën niet kon worden bereikt. En om papierverspilling te voorkomen, verwerkt de printer verschillende maten vellen.
Onderzoek en ontwikkeling
150 miljoen euro investeerde Océ sinds midden jaren ‘90 in de CrystalPoint-ontwikkeling, die in 2008 voor het eerst op de markt werd gebracht en inmiddels met 100 patenten is vastgelegd. Dat 7% tot 8% van de omzet naar onderzoek en ontwikkeling gaat, zoals van Knippenberg later uitlegt, is dan ook niet verwonderlijk. “Dat betekent niet dat de markt altijd klaar is voor alles wat wij bedenken,” lacht hij. “Toen we 15 jaar geleden al printers en kopieermachines reviseerden, wilden veel klanten daar nog niet van weten.”
Tegenwoordig volgt een steeds groter deel van het bedrijfsleven de duurzame normen van de overheid en is het juist maatschappelijk verantwoord – en in crisistijd financieel aantrekkelijk – om voor gereviseerde machines te kiezen. “De mentaliteit van de markt veranderen, dat kun je niet forceren. Maar je moet wel vooraan staan als het moment daar is.” En dat doet Océ. Vanaf de oprichting in 1877 combineert de Limburgse printgigant de harde zakenmentaliteit van geld verdienen met – indertijd aspecten van – maatschappelijk verantwoord ondernemen. Zo leidde de omslag van analoog naar digitaal printen er niet toe dat alle ‘ouderwetse’ printers met het rood-witte logo voorgoed konden worden afgedankt. Integendeel, machines werden zo ontworpen dat onderdelen van analoge in digitale printers pasten. Met als gunstig gevolg dat ze in de razendsnel veranderende digitale wereld een uitzonderlijk lange tijd van wel 10 tot 15 jaar meegingen.
Vandaag worden op vier locaties machines en onderdelen gereviseerd en krijgen apparaten tweede en derde levens. “Je kunt snel naar de markt als je bij de ontwikkeling van producten al rekening houdt met dergelijke zaken. Dat geldt in de breedste zin van het woord. Machines moeten demonteerbaar zijn, dus onderdelen verlijmen is niet handig, de serviceafdeling moet zaken zonder rompslomp kunnen vervangen en als een apparaat niet volledig kan worden hergebruikt, dan zijn sensoren of andere kleine deeltjes daar wellicht wel voor geschikt.”
In 2009 ging het concern gebukt onder de crisis: er werd verlies geleden, de broekriem werd aangehaald en een aanzienlijk aantal banen werden geschrapt. Toch slaagde de printerfabrikant erin om redelijk op duurzaamheidschema te blijven. Uit het jaarlijkse duurzaamheidsrapport voor stakeholders (belanghebbenden, red.) blijkt dat één doelstelling zelfs eerder dan gepland werd verwezenlijkt, namelijk de verwerking van meer dan 20% hergebruikte onderdelen in producten.
Milieuvriendelijke kleding
Anderzijds vraagt de multinational ook input van belanghebbenden. Aanvankelijk vooral van klanten, maar toen dat te eenzijdig bleek te zijn, werden alle stakeholders erbij betrokken. “Een van onze actuele uitdagingen is de vraag hoe we duurzaamheid bij anderen kunnen bevorderen. Was voorheen het op orde brengen van de eigen zaak het belangrijkste, nu gaat dat een stap verder en wordt gekeken naar de hele keten. Océ maakt deel uit van EICC, een bedrijfscoalitie in de electronica-industrie die een maatschappelijk verantwoord ondernemen-industriecode hanteert. Leveranciers moeten verklaren aan de daarbij behorende criteria te voldoen. We merken dat partijen zich steeds bewuster worden van hun en onze verantwoordelijkheid. Zo vroeg een klant eens of de kleding van onze medewerkers wel milieuvriendelijk was gemaakt. Met dergelijke zaken gaan we dan aan de slag.”
Ook binnenshuis houdt duurzaamheid de Océwerknemers bezig. Behalve carpoolafspraken via intranet maken, kunnen medewerkers op bedrijfsfietsen tussen nabijgelegen terreinen heen en weer rijden en tijdens de door het bedrijf georganiseerde ‘Sustainability Week’ worden wereldwijd duurzame ideeën aangedragen en uitgevoerd. Dat varieert van letterlijk in het groen gestoken geld inzamelen voor het goede doel tot de airconditioning in het Océ-kantoor in Texas twee graden lager zetten. Van Knippenberg: “Het gaat erom dat je ernaar streeft om het beter te doen, altijd weer opnieuw. Dat denken, dat zit in het Océ-DNA.”
Eind 2009 werd aangekondigd dat Canon Océ zou overnemen. Ten tijde van het interview was de overname nog niet helemaal rond en Océ een beursgenoteerd bedrijf.
Océ-Nederland bv
Plaats: Brabantlaan 2, 5216 TV
‘s Hertogenbosch, Nederland, www.oce.com.
Sector: printindustrie.
Oprichtingsjaar: 1877.
Aantal werknemers: 22.000 (wereldwijd).
Jaarlijkse omzet (2009): 2,6 miljard euro.
Océ is een mooi voorbeeld van een duurzaam succesverhaal
Het maakt deel uit van Beyond the Hype: Sustainable Success Stories, een publicatie van REcentre waarmee zij andere bedrijven willen inspireren om de duurzame weg in te slaan. REcentre is een kennis- en promotiecentrum voor duurzaam design in de Euregio Maas-Rijn. Daarvoor stelt REcentre zijn netwerk en knowhow ter beschikking aan bedrijven, ontwerpers en scholen. REcentre wilt de Euregio Maas-Rijn laten uitgroeien tot een voorbeeldregio op het raakvlak tussen ecologie en economie.
REcentre is een Interreg IVa project met de steun van Wallonie Design ASBL (Liège, BE), Z33/Design Platform Limburg (Hasselt, BE), NAiM/Bureau Europa (Maastricht, NL), Flanders District of Creativity (Leuven, BE) en Dutch Design Week (Eindhoven, NL).
Om meer Sustainable Success Stories van REcentre te lezen, surf je naar www.recentre.org.
Gwen Teo
Gerelateerde berichten:

0 Reacties
U kunt de eerste zijn die reageert.