Home » Sector » Auto »

De coupé zorgt voor vernieuwing

 

Het is nu een kwarteeuw geleden dat Chrysler met de Voyager en Renault met de Espace een nieuwe koetswerkvorm lanceerden: de monovolumewagen (MPV), die in snel tempo de harten van de autokopers veroverde. 10 jaar geleden luidde BMW met de X5 de opmars van de 4×4 voor dagelijks gebruik in. Beide koetswerkvormen ontwikkelden zich in vele maten en gewichten. Nu is de elegante coupé-koetswerkvorm aan een nieuwe toekomst begonnen met boeiende en verfrissende interpretaties als kers op de taart.

In het voorjaar van 2007 vierde Audi de première van de A5. Het model kadert in een verbreding van het modellenaanbod bij het merk met de vier ringen en is afgeleid van de A4, maar nestelt zich hiërarchisch een trapje hoger. Hij staat potig op de weg en is onmiddellijk herkenbaar als Audi. Dat heeft uiteraard te maken met het inmiddels vertrouwde single-frame radiatorrooster en de koplampblokken met LED ‘lichtsnor’.

In september 2009 stond de A5 Sportback in de schijnwerpers op de IAA in Frankfurt als nieuwste variatie op het coupéthema. Het is een coupé met alle praktische voordelen van een break – Avant in Audi-taal – inclusief vier deuren. De lange kofferklep met elektrische ontgrendeling geeft toegang tot een minimum laadvolume van 480 l, uitbreidbaar tot maximum 980 l door het neerklappen van de achterbankrugleuningen. De laadbreedte tussen de wielkasten bedraagt precies 1 m, terwijl de laaddrempel tot slechts 679 mm beperkt blijft. De nieuwe A5 Sportback verschijnt in de Belgische prijslijst met een 163 pk sterke 2.0 TDI motorisatie vanaf 29.652,89 euro excl. BTW.

Het is ook een publiek geheim dat er nog een Audi A7 in de ‘pipeline’ zit, een 4-deurs coupé die waarschijnlijk in 2010 tussen de A6 en A8 zal inschuiven.

Tweemaal verrassend

De BMW X6 is een ontwerp van onze landgenoot Pierre Leclercq en een coupé-interpretatie van de populaire X5 SAV (Sport Activity Vehicle). De X5 biedt plaats aan zeven inzittenden, terwijl de X6 zich sportiever oriënteert – BMW heeft het over een ‘Sports Activity Coupé’ – en zich tot vier à vijf inzittenden beperkt. Het model ontstond vanuit een interne competitie tussen 25 exterieurdesigners. De X6 oogt veel dynamischer dankzij de sterk gespierde wielkasten, maar pakt ook onderhuids technisch vernieuwend uit met onder andere DPC (Dynamic Performance Control), dat de X6 hetzelfde dynamisch-sportieve rijgevoel verleent als zijn tweewielaangedreven merk-genoten.

Nog meer ‘fusion design’ belooft ons de BMW 5-Reeks Gran Turismo, die de traditionele elementen van een reisberline wil laten versmelten met de veelzijdigheid van een moderne SAV en de allures van een sportieve GT. Heel bijzonder is de achtersteven, die als klassieke koffer of als grote hatchbakklep kan openen. Deze nieuwe coupévariatie ging dit najaar in première op de IAA in Frankfurt.

Classicisme aan de kant gezet

In 2003 toonde Mercedes-Benz het prototype van de CLS, een verrassende 4-deurs coupé met hartverwarmend design, die zich hiërarchisch een plaatsje verwierf tussen de E-Klasse en de S-Klasse. Hij zou een trendsetter blijken, een inspiratiebron ook voor anderen om de coupé in een nieuw daglicht te rijden. Kenmerkend zijn de vloeiend in de achterpartij afdalende daklijn, die de voorkant van de auto net zo lang laat lijken als de rest van de koets en een niet onaardig koffervolume van 470 l. De meest populaire is de CLS 350 CDI met V6-dieselmotor, goed voor 224 pk – of teruggeschroefd tot een fiscaalvriendelijker 211 pk – en 540 Nm koppel tussen 1.600 tot 2.400 tr/min. Hij sprint van 0 tot 100 km/u in 7 seconden en neemt genoegen met gemiddeld 7,6 l/100 km. De meest tot de verbeelding sprekende is de CLS 63 AMG, met 6,3 liter V8-motor. Zijn 514 pk en 620 Nm helpen deze auto in 4,5 seconden uit stilstand tot 100 km/u.

Helemaal nieuw sinds dit voorjaar is de E-Klasse Coupé, die de oudgediende CLK Coupé aflost. Het merk met de ster verraste door de coupé amper drie maanden na de verkoopstart van de commercieel uiterst belangrijke nieuwe E-Klasse te laten debuteren. De auto maakt zijn opwachting met een klassieke coupélook – onder andere de afwezigheid van B-stijlen en volledig wegdraaiende zijruiten – en een uiterst aerodynamisch geboetseerd koetswerk, dat hem tot meest gestroomlijnde productiewagen ter wereld maakt. Hij beschikt standaard over de ‘AGILITY CONTROL’-ophanging, die automatisch inspeelt op de rijsituatie en zo rijplezier en een uitstekend weggedrag paart met hoogstaand comfort. De E 250 CDI BlueEFFICIENCY Coupé past helemaal in de huidige tijdsgeest met zijn 5,3 l/100 km zuinigheid en tot 139 g CO2/km beperkte vervuiling.

Onverwachte metamorfose

De VW Passat geldt als werkbeest bij uitstek voor de buitendienstmensen en is naast de Golf de onvermoeibare kaskraker bij VW. Dat deze auto veel meer in zijn mars heeft, bewees VW begin 2008 met de voorstelling van de Passat CC. De letters CC staan ditmaal niet voor coupé-cabriolet, maar wel voor ‘Comfort-Coupé’. De 4-deurs coupé is 31 mm langer dan de klassieke Passat en ook 36 mm breder, maar tevens 50 mm lager. Een luchtweerstandcoëfficiënt van 0,29 mag gezien worden. De achterpassagiers genieten het comfort van individueel gevormde zetels en het bekend royale laadvolume van een Passat wordt met 535 l niet beschaamd. Voor de Belgische markt is de 2.0 TDI met naar keuze 140 (136) of 170 pk vermogen het meest aantrekkelijk.

Eenzelfde designverrassing staat op stapel voor de zo geliefde Golf! Het concrete productiemodel laat echter vermoedelijk nog tot 2013 op zich wachten…

Eduard Coddé

Geen gerelateerde berichten.

 
 
 

0 Reacties

U kunt de eerste zijn die reageert.

 
 

Reageren